Zomerse knutsel

Van Janine Rietman, onze geweldige gastouder 😉 kreeg ik de volgende  zomerse knutsel door.

Knip uit stevig papier een emmer en een schep. Voor de kleintjes heb ik het uitgeknipt maar de kinderen die al goed met een schaar overweg kunnen hebben het zelf uitgeknipt.

Nu kunnen ze de emmer en schep mooi versieren. Ik heb gekozen voor plakfiguren maar je kunt natuurlijk ook restjes knutselpapier gebruiken.

Zo heb je een leuke zomerse knutsel!

Kenmerken van een ontwikkelingsvoorsprong

Onlangs kwam ik een artikel tegen dat ik met jullie wil delen. Had ik dit maar eerder in onze zoektocht gelezen! Een ‘feest’ van herkenning!

Het gaat om dit artikel: ‘Kenmerken van een ontwikkelingsvoorsprong’, geschreven voor Ragnild Zonneveld. Het geeft een heel duidelijk beeld van wat het nou eigenlijk inhoudt. Wist je bijvoorbeeld dat hoogbegaafdheid om meer dan alleen intelligentie gaat? Hoogbegaafde kinderen laten ook een aantal ‘zijnskenmerken’ zien. Een heel helder artikel, een echte aanrader!

 

 

Recept – gehaktballetjes van gehakt en groente

Als je kleine kinderen hebt herken je het vast: het eten van groente gaat niet altijd van harte. Ondanks dat je er misschien bepaalde regels voor hebt om ze aan de smaak te laten wennen, eten ze misschien niet altijd de hoeveelheid groente die je graag zou zien. Daarom deel ik vandaag mijn recept van gehaktballen van gehakt en groente met jullie. Mijn kinderen zijn gek op vlees, dus dit eten ze graag. Ze weten dat ik er groente door doe, maar doordat het zo fijn gemalen is proeven ze het niet. Het helpt dus niet bij het wennen aan de smaak en structuren. Maar het helpt wel wat extra vitamines binnen te krijgen.

(Op de foto zie je een flink gevulde pan. Ik had het recept verdubbeld, maar dat bleek veel te veel voor 2 volwassenen en 2 kleine kinderen)

Ingrediënten gehaktballen:

200 gram rundergehakt

2 geschrapte worteltjes

125 gram champignons

1 gesnipperd uitje

1/2 tl zout

2 tl korianderzaad

1 tl komijnzaad

1/2 tl gemberpoeder

De groenten maal ik fijn in een groentehakker (van de staafmixer).  Vervolgens kneden en gehaktballetjes van draaien. Deze braden in de pan en als ze gaat zijn uit de pan halen. In dezelfde pan (ik ben van weinig afwas 😉 maak ik de saus:

ingrediënten tomatensaus:

1 uitje

1 teen knoflook

4-6 tomaten (of een blik tomatenblokjes)

bouillonblokje

klein snufje chilipoeder

Het uitje met de knoflook (beide gesnipperd natuurlijk) glazig bakken. Champignons even meebakken. Daarna de in stukjes gesneden tomaten, het bouillonblokje en de chilipoeder erbij. Even laten sudderen. daarna de gehaktballetjes nog even mee warmen in de saus. Ik serveer dit met zilvervliesrijst en sperziebonen. Van de bonen wordt door de kinderen niet veel gegeten, maar de balletjes en de tomatensaus (die je ook nog glad kan pureren, als je de groente nog meer wilt verstoppen) gaan er hier altijd goed in!

Wat doe jij om je kinderen gezond te laten eten? Laat het weten onderin in de reacties!

Gezondheid – tijd voor jezelf

Hoe vaak hoor ik mensen (vooral moeders) niet zeggen: ik moet eerst opruimen of schoonmaken. Daarna kan ik genieten van mijn rust. Gelukkig heb ik daar niet zo’n last van (als je het mn man vraagt zegt hij waarschijnlijk: ‘helaas heeft zij daar niet zo’n last van ;-)). Ik kan echt wel lekker een boek pakken en languit op de bank hangen. Ook als er nog een volle mand was ligt. Of het aanrecht nog vol ligt. Of het huis ontploft is. Of…

Het gevaar van altijd eerst opgeruimd moeten hebben, is dat je nooit aan jezelf toe komt. Los van dingen die je écht belemmeren (de ene mens is nou eenmaal opruimeriger dan de ander) kan het een uitdaging zijn om het los te laten. Want juist in het hectische gezinsleven is tijd voor jezelf zó hard nodig! Iedereen kent die quotes wel: ‘als je eerst voor jezelf zorgt, kun je meer voor een ander betekenen’ of ‘pas als je goed voor jezelf zorgt, kan je het beste van jezelf geven’. Het lijkt een cliché, maar dat zijn clichés niet voor niks. Vaak is het gewoon een waarheid als een koe.

Ik heb dan geen moeite om de boel de boel te laten. Maar écht tijd voor mezelf nemen vind ik nog best lastig. Als ik lekker op de bank zit, zit ik toch meestal op social media. Het lijkt een gemakkelijke vorm van vermaak, maar het levert me vaak helemaal geen nieuwe energie op. Net als tv kijken. Begrijp me niet verkeerd: een keer een steengoede serie of film kijken kan heerlijk zijn! Maar lekker hardlopen, een wandeling door het bos, een fietstocht door de polder… Dat kan mij meer energie opleveren. Of het lezen van een goed boek. Of het schrijven in een dagboek. Of iets lekkers bakken. Ik merk ook dat ik dan meer ruimte, energie en geduld heb voor de kinderen. Zo is die investering in mezelf ook een investering in mijn gezin.

Waar geniet jij van en wanneer heb je daar voor het laatst de tijd voor genomen?

Eenhoorntjes knutselen

De jongste deed een dutje, dus mijn dochter en ik hadden even lekker de tijd om samen te knutselen. Alweer inspiratie gekregen van Printerest en,  zoals ik van mezelf gewend ben, is de uitwerking niet perfect. Maar het was wel hartstikke leuk en daar gaat het om! Mijn dochter is helemaal gek op eenhoorns, dus de keuze voor deze knutsel was snel gemaakt.

Knip oortjes uit,

een binnen- en buitenkant.

plak deze op elkaar.

Kies wat je wilt. Grote oren, kleine oortjes… Wat jij leuk vindt!

Rol een hoorntje (je kan ook een punt knippen, zoals bij het bordje)

Versier de hoorn. Ik gebruikte alleen wat cadeaulint, wat ik eromheen wikkelde. Mijn dochter kleurde een regenboog hoorn.

Mijn dochter tekende een gezichtje. Ik knipte het uit (de wimpers zijn gemaakt van cadeaulint). Voor een strakker resultaat teken je oogjes (zoals op het bordje bijvoorbeeld) of gebruik je wiebeloogjes.

Bij dit bordje heb ik kleine puntige oortjes, een hoorn en een snuit geknipt. De ogen heb ik met een zwarte stift getekend. De haartjes zijn van cadeaulint gemaakt (aan de achterkant vastgeplakt tussen het bordje en de hoorn).

Mijn dochter tekende ook nog een eenhoorn. Zij koos een mooie varkensneus. 🙂

Activiteit met kinderen – met tape een autobaan op de vloer maken

Voor regenachtige dagen is Printerest ideaal! Wat kan je daar veel ideeën vinden: knutsels, uitjes, anti-verveeltips…

Zo ook de autobaan van tape. Mooie strakke lijnen die wegen voor moeten stellen. Geplakt met tape op een (laminaat) vloer. Het ziet er fantastisch uit, soms zelfs met parkeervlakken! Maar zo creatief en precies ben ik niet, helaas. Ik kan wel een weg maken, maar zo perfect als op de foto’s zou het mij niet lukken. En dat hoeft ook helemaal niet! Mij leek het juist leuk om het de kinderen zélf te laten doen. Een activiteit op zich. Om er daarna mee te kunnen spelen. Activiteit nummer 2. Zo waren ze lekker even zoet.

Recept voor gezonde(re) chocoballs

Mijn kinderen lijken op mij: we houden van snoepen.  Om niet altijd naar snoep of chips te grijpen, maak ik af en toe zelf iets lekkers. Meestal iets wat minder ongezond is.

Het maken van deze chocoballs is zó gepiept.

Ingrediënten:

100 gram (medjoul) dadels

50 gram pindakaas

25 + 25 gram kokos

1 eetlepel cacao

een beetje water

Ontpit de dadels en doe alle ingrediënten in een keukenmachine of hakker. Ik had de dadels even geweekt in warm water omdat ik het ontpitten dan iets handiger vind gaan, maar dat is niet per se nodig.

Hak alles tot een stevige massa. Als het kruimelig blijft, wat water toevoegen. Als het te nat is kan je wat kokos toevoegen.

Vervolgens draai je balletjes, die je door de kokos rolt ter garnering. Je kan de balletjes in de koelkast bewaren. Het schijnt tot wel een week, maar dat hebben ze bij mij nog nooit gehaald. 😉

 

Uitje met de kinderen – speeltuinestafette en mini picknick

Het was de tweede week van de meivakantie. Geen bijster goed weer, maar toch zijn wij er op uit gegaan.  Ik overwoog even naar de Orchideeënhoeve te gaan, maar naast dat dit bijna 25 euro zou kosten, had ik geen zin om zo’n eind te fietsen met de kinderen. De kinderen wilden graag naar ‘de’ speeltuin. Dat kleine speeltuintje om de hoek komt me nu zo langzamerhand de neus wel uit. Dus besloot ik de kinderen te plezieren met een speeltuinestafette en mini picknick. Wat lekkere (en gezonde) hapjes in bakjes en bekers ranja in de tas: klaar om te gaan.

Speeltuin 1 (Sterrenbuurt, achter het Dr Jansenziekenhuis):

Speeltuin 2 (Espelervaart, Vrouwenzand):

Speeltuin 3 (Espelervaart, Dollardstraat):

Speeltuin 4 (De Erven, Westfriesland/Vlieland):

 

Bij speeltuin 4 was het tijd voor de minipicknick. Wat drinken, een bakje chips, lekkere tomaatjes, komkommer en stukjes appel… Gegarandeerd succes bij mijn kinderen!

We wilden er nog een vervolg aan geven door meer speeltuinen te zoeken (we kwamen er op de weg naar huis nog twee tegen. Eén bij de Lofoten en één bij naar ik meen de Deltastraat), maar helaas was het gaan regenen. Tijd om naar huis te gaan dus! Het was een geslaagd uitje en toen ik mijn dochter vroeg het een cijfer te geven van 1 tot 10 zei ze: 1640! Lekker ding… 😉

Wat vind jij leuk om te doen met de kinderen? Laat het ons weten en geef ons nieuwe inspiratie!

Van proberen kan je leren!

‘Het is alsof we het over een ander kind hebben.’ Ik hoor het de juf nog zo zeggen. En ja, het was écht alsof we het over een ander kind hadden. De juf vertelde dat ze het eerste 10-minutengesprek van onze dochter in ging met het idee dat we snel zouden zijn uitgepraat. ‘Geef mij maar 10 van zulke kinderen!’ We lachten erom. Ik lachte mijn spanning weg. Ik maakte me al een tijdje zorgen om de ontwikkeling van mijn dochter. Niet dat die niet goed zou zijn. Nee, ze was echt aan school toe. Maar misschien ontwikkelde ze zich wel wat té goed in mijn ogen. Of misschien niet eens te goed, maar wel anders dan ik verwachtte.

Vorig jaar waren er nogal wat driftbuien en ander onwenselijk gedrag. ‘Hoort erbij, echt peutergedrag.’ Ik hoor het overal om me heen. Maar hier ging het verder dan dat. ‘Gewoon consequent zijn. Harder aanpakken. Ze moeten weten wie de baas is.’ Ik voelde me dan niet gezien. Niet gehoord. Want ik zag ons meisje zo haar best doen. Ik zag dat ze het zelf ook niet leuk vond. Ik zag haar onmacht, haar verdriet. Naar mijn idee ging het verder dan ‘normaal peutergedrag’. En ik wílde haar niet laten zien ‘wie de baas is’. Het gaf me het gevoel dat anderen vonden dat ik niet streng genoeg was, dat ik het niet goed genoeg deed. Dat ik over me heen liet lopen. Dat het mijn schuld was dat zij zich zo gedroeg.

Op school is het een engeltje. Thuis is het een bengeltje. Of liever: een draakje. Op school past ze zich aan, neemt ze alle indrukken en prikkels in zich op. Thuis komt het er uit. Stevige discussies, huilbuien, slaan, schoppen, ons stomweg negeren, we hebben het allemaal voorbij zien komen. Gelukkig voelt ze zich thuis veilig genoeg om het te laten gaan. Dat is een troost. Want dat ze op zulke momenten wat kwijt moet is duidelijk. Gelukkig krijgen we gaandeweg ook steeds meer tools om er mee om te gaan. Ik heb via internet contact met andere ouders met soortgelijke ervaringen. Dat helpt. Het is fijn om erkenning te krijgen dat het moeilijk is, dat het niet aan ons ligt. Het is fijn om herkenning te hebben. En het is fijn om te leren van elkaar. Wat helpt, wat niet… Bij elk kind anders natuurlijk, elk kind is uniek.

Naar aanleiding van iets anders ben ik me rond de zomer gaan verdiepen in hoogbegaafdheid. Ik herkende ontzettend veel van onze dochter. En dan vooral in de zogenoemde ‘zijnskenmerken’. Ze loopt misschien nog niet eens zo heel veel voor in haar ontwikkeling (en wat is normaal? Ze is onze eerste, dus hoe weet je wat ‘normaal’ is?). Nou blijken vooral meisjes sterren te zijn in het verbloemen van hun talenten. Zich aan te passen aan de norm. Want zo hoort het blijkbaar (wat herken ik dat dan weer zo ontzettend van mezelf!). Als een kind uit de klas op een tekening krast, krast zij ook. Terwijl ze kan tekenen. Als de juf bij haar gaat zitten om samen een puzzel te maken, wil zij sturing van de juf. Wil ze horen: ‘doe ik het zo goed?’ Terwijl ze het zelf echt wel kan. Ze wil geen fouten maken, probeert iets tot ze merkt dat het niet lukt en dan stopt ze. Pas als ze denkt dat ze het kan, probeert ze het weer. Ik vind het moeilijk om dat te zien. We hebben dan ook als motto hier in huis: ‘van proberen kan je leren’.

Het gesprek met de juf duurde drie kwartier. En het was niet het laatste gesprek. Inmiddels hebben we ook al een gesprek met de juf én de intern begeleider gehad. En wij zelf hebben inmiddels ook een gesprek gehad met een deskundige op het gebied van hoogbegaafde peuters en kleuters. Na het invullen van lijsten door ons én school, rolt daar als het goed is ook een advies voor ons en school uit. Zodat wij ons meisje kunnen begeleiden in al haar krachten en kwetsbaarheden. Want wij zitten soms met de handen in het haar. Weten soms niet goed hoe we de dingen aan moeten pakken. Hebben soms het gevoel: ‘we doen maar wat’. Gelukkig mogen ook wij voor ogen houden: ‘niet perfect is ook ok’. En: ‘van proberen kan je leren.’

Sinterklaas

Voor mij geen discussie over hoe zwart Zwarte Piet zou moeten zijn. Maar ik voer met mezelf wel een andere sinterklaas discussie dit jaar.

Mijn ouders hebben mij nooit verteld dat Sinterklaas echt bestaat. Mijn moeder heeft zich als kind erg bedrogen gevoeld door haar ouders en dat wilde ze ons niet aandoen. Ik heb daardoor nooit zo magisch geloofd in Sinterklaas. Natuurlijk was het leuk om cadeautjes te krijgen en was de sfeer er om heen leuk en gezellig, maar het had niks magisch voor me. Voor zover ik me herinner natuurlijk. Ik weet nog dat mijn broertje ziek was en de Sinterklaas van de buurtvereniging op bezoek kwam met een cadeautje. Hij had nog maar net zijn hielen gelicht en daar kwam de Sinterklaas van school aan. Ook hij kwam een cadeautje brengen. Tot zover de geloofwaardigheid.

Ik heb het wel eens als gemis ervaren dat ik nooit de magie van Sinterklaas heb beleefd. Ik heb me dan ook altijd heilig voorgenomen om mijn kinderen met die magie groot te brengen. Vorig jaar, de kinderen waren 3 en 1, was er nog geen probleem. De kinderen vonden het allemaal leuk en soms een beetje spannend. Maar dit jaar werd de jongste af en toe wel erg angstig. Na het zetten van de schoen: ‘Zwarte Piet mag niet op mijn kamer komen!’ Met de angst in zijn ogen en een dikke pruillip kroop hij dicht tegen zijn vader aan. En mijn dochter begint nu toch echt goede vragen te stellen: ‘Mama, waarom brengt Sinterklaas ’s nachts de cadeautjes rond, waarom niet overdag?’ En natuurlijk kan je dan wat verzinnen. Ik zei iets als: ‘Dat weet ik eigenlijk niet, misschien omdat het dan rustig is op straat, dan kan hij lekker snel werken en wordt hij niet door iedereen gestoord.’ Maar o, wat voelde ik me een bedrieger. Ik had me altijd voorgenomen om niet glashard te liegen. Als de vraag zou komen: ‘bestaat Sinterklaas wel echt?’ vertel ik de waarheid. Dat heb ik me altijd voorgenomen. Ik wil mijn kinderen niet voorliegen. Maar deed ik dat niet al? Lieg ik niet als ik een handige draai geef aan een vraag van mijn dochter? Het voelde niet goed voor me. Daarnaast hoor ik steeds meer verhalen om me heen van volwassenen die aangeven zich als kind bedrogen te hebben gevoeld toen bleek dat Sinterklaas niet bestond. Mijn man ziet het niet als probleem. Hij heeft het nooit erg gevonden. Nou scheelt de manier van vertellen natuurlijk ook veel. Ik geloof dat mijn moeder bijna uitgelachen werd omdat ze ‘in die onzin geloofde’. Dat maakt het natuurlijk pijnlijk en doet de relatie tussen ouder en kind niet goed. Het was natuurlijk ook een heel andere tijd (mijn moeder is over de 73). Ik vermoed dat mijn man het op een meer liefdevolle manier te horen kreeg. Toch gaat het erg tegen mijn gevoel in om de kinderen iets op de mouw te spelden. We hebben afgesproken het dit jaar nog zo te laten, maar volgend jaar ga ik een geschiedenislesje aan mijn dochter geven. Dan leg ik haar uit wat we gedenken, dat we daar een kinderfeest van hebben gemaakt. Met een verkleedde man en zijn pieten. Gewoon omdat dit een leuk feest is. En dat papa en mama de cadeautjes zelf kopen. En dat het een leuk geheimpje is dat Sinterklaas niet echt bestaat, dat zij als groot genoeg is om dat te weten.

Het schijnt voor sommige kinderen een opluchting te zijn. Dat er dus niemand ’s nachts door het huis loopt. En het dus wel goed komt met de cadeautjes (voor wie het Sinterklaasjournaal volgt: mijn dochter is bang de verkeerde cadeautjes te krijgen). Sommige ouders gaan zelfs de cadeautjes samen met de kinderen kopen. Zodat de kinderen daar geen spanning meer over hebben. Dat gaat mij wat ver, maar als ik denk dat het mijn kinderen zou helpen op een leuke manier de sinterklaastijd door te komen, zou ik het zeker doen!

Wat vinden jullie? Op welke leeftijd vertellen jullie/hebben jullie verteld dat Sinterklaas niet bestaat?